De Top bereiken..... en dan?
Wie wil dat nou niet? De top bereiken in je werk, je sport, het leven…. En wat doe je dan als je daarboven aan de top staat? En realiseer je je onderweg wel dat je dat niet allemaal alleen hoeft te doen? Sterker, dat je in je uppie nog niet halverwege gekomen zou zijn? En geniet je wel, onderweg en als je de Top bereikt hebt? Of ligt de volgende uitdaging al weer op de loer……
Terwijl ik dit schrijf, is het voor de zoveelste keer dit jaar aan het sneeuwen. De zomervakantie lijkt al weer lang geleden. En toch schakel ik graag met mijn gedachten naar de Franse Alpen en de gezelligheid die er was. En de sportieve uitdaging die er voor mij lag: de Alp d’Huez beklimmen, de Nederlandse berg. Ons prachtige grote vakantiehuis voor 12 personen lag aan de voet van deze machtige Alp. Ik hoefde bijna alleen om de hoek van het huisje te kijken om de ‘Alp muur’ te zien. Er naar kijken was al een ervaring op zich. Aan het beklimmen van deze Alp dacht ik toen nog even niet. Op mijn eerste dag in de Alpen fietsten we over een zogenaamd rustig weggetje met weinig hoogteverschil. Om te wennen…..Dat vertelden mijn fietsvrienden dan, ervaren fietsers die al heel wat keertjes in de Alpen hebben doorgebracht. Dit rustige weggetje richting La Berrarde vond ik echter al een hele klim en ik dacht onderweg bezorgd: “Als dit een rustig weggetje is, wat is de Alp d’Huez dan?”
’s Avonds aan de gezellige maaltijd en de nodige wijn, kwamen de verhalen los van vorige jaren en ik hoorde dat niet iedereen het altijd zo maar een makkie vond daar in de bergen. Een beetje gerustgesteld ging ik naar bed om de volgende ochtend behoorlijk zenuwachtig klaar te staan met fiets, schoenen, sportdrank, reepjes, bananen en natuurlijk in volledig tenue.
Vandaag is het tijd voor de Alp d’Huez oftewel ‘de Muur”. Alle tien fietsers van ons clubje vertrekken op verschillende tijdstippen vanaf de voet van de berg, zodat we ongeveer allemaal met lunchtijd boven zijn. Mijn zus en ik vertrekken als eerste. Om 11:00 uur gaan we de eerste bocht (bocht 21) om en tja, wat ik dan zie is echt super en tegelijk moordend! Een weg waarvan ik niet snap dat ze dat ooit zo aangelegd hebben. Hoe konden ze dat nou doen? Een weg stijl omhoog tot de volgende bocht. En ik weet inmiddels dat het daarachter niet veel verschilt met wat ik nu zie. Dus rustig aan maar. Vandaag heb ik een hartslagmeter geleend op aanraden van mijn fietsvrienden, waardoor ik kan doseren. Tenminste doseren? Ik rijd zodanig dat mijn hartslag niet boven de 160 uit komt, anders ga ik de top niet halen. Het betekent dat ik niet harder dan met een vaart van 5-7 km per uur aan het klimmen ben en je me wandelend rustig bij kan houden. Mijn zus rijdt voorop en na een paar bochten merk ik dat ik alleen haar achterwiel in de gaten hou en weinig van de omgeving zie. Tot ik daar op gewezen wordt. “Kijk eens wat je al geklommen hebt!” kraait mijn zus. Zij kan tenminste een hele zin uitspreken! Vol bewondering kijk ik naar beneden. ‘Wauw!’, is het enige wat ik kan antwoorden. Verder maar weer want we zijn nog maar in bocht 16, dus nog 15 bochten tot de top. En……. ik moet echt plassen! Zijn het de zenuwen? Het is 30 graden, het zweet komt overal naar buiten uit mijn lijf en toch …..moet ik plassen. We stappen af en achter een muurtje plas ik het laatste restje zenuwachtigheid naar buiten en verder maar weer. Onderweg worden we ingehaald door de andere fietsers van ons clubje die iets harder de berg op fietsen. En we moedigen elkaar aan voor zover mijn stem meewerkt dan. In bocht 3 houd ik het even voor gezien en roep: “Stop!” We stappen af en ik ga zitten en een lachsalvo borrelde omhoog en moest eruit: “Wat een waanzinnige klim, wie gaat er nou met zijn volle verstand en uit vrije wil deze Muur opfietsen? Verhip, dat ben ik zelf en ik ben al in bocht 3, en…… ik weet het zeker: mijn verstand ligt nog aan de voet van deze berg!” Ik weet dus dat mijn reactie op extreme lichamelijke vermoeidheid bestaat uit zelfspot en enorm veel lol. Een prettige ervaring! Dit samen met een reep, geeft me weer nieuwe energie en bijna op de top aangekomen, in bocht 1, race ik zusjelief opeens voorbij met een spurt alsof mijn leven ervan afhangt. “Krijg nou wat!” hoor ik achter me roepen, maar ik heb iets in mijn benen waardoor ik harder moet fietsen. Ik heb het idee dat ik daar niet meer zo veel over te zeggen heb, alsof mijn benen een eigen leven zijn gaan leiden. En ik kom vol adrenaline en met glimmende oogjes boven. Boven aan de Top van die Machtige Muur! Wat een geweldige overwinning, vooral op mezelf en dankzij….. mijn lieve zus! En opgelucht bedenk ik dat we hierna alleen maar naar beneden hoeven, richting ……….. mijn verstand!
Na een dag rust reden we de Télégraph en de Galibier op, in één dag twee toppen! En volgend jaar? Dan ligt er weer een nieuwe uitdaging in de Mont Ventoux, er zijn immers altijd prachtige nieuwe uitdagingen. Maar ik geniet nog steeds na van het behaald hebben van deze Top! Een moment waar ik graag aan terugdenk….



